
REGIO – Gemeenten en provincies hebben binnenkort meer mogelijkheden om in actie te komen tegen probleemwolven. Als wolven mensen aanvallen, agressief zijn of gedurende twee weken meerdere keren paarden of vee aanvallen kan er een vergunning voor afschieten worden verleend. Provincies mogen een vergunning klaarleggen om een ‘probleemwolf‘ af te schieten en kunnen dus sneller ingrijpen.
Schaapherder Berber Ubbink kreeg eerder te maken met overlast van probleemwolven. Ze is enigszins blij met de ontwikkeling, maar zet ook kanttekeningen. ‘Het is mooi dat men de wolf niet meer boven alle wetten stelt. Toch blijven er heel veel haken en ogen aan zitten.’
Twijfels
Ubbink is herder op het schapenpark in Odoorn. In 2023 en 2024 werden er een aantal van haar schapen dood gebeten. Vorige maand werd een pony het slachtoffer van een aanval.
Ubbink twijfelt aan de effectiviteit van de maatregelen. ‘Stel je voor dat ik morgen dertig dode schapen vind, dan wordt er een DNA-test gedaan om te achterhalen welk dier verantwoordelijk is. Als het dan duidelijk is om welke wolf het gaat, moet deze ook nog opgespoord worden én moet het mogelijk zijn om deze voor de loop van een geweer te krijgen. Ondertussen zijn al wel die schapen dood.’
De schaapherder wijst daarnaast op de vele tegengeluiden die de besluitvorming mogelijk kunnen belemmeren. Dierenbeschermers hebben reeds aangekondigd naar de rechter te stappen als provincies al op voorhand een vergunning klaarleggen om wolven af te schieten. ‘Het blijft vooralsnog afwachten wie er bezwaar aan gaat tekenen’, aldus Ubbink.
Andere aanpak
De schaapherder pleit voor een andere aanpak van de wolf, waarbij het dier een nog lagere beschermingsstatus krijgt. Op dit moment leven er veertien roedels in Nederland, en dat is volgens haar te veel. ‘Er moet een maximaal aantal roedels vastgesteld worden. Bijvoorbeeld twee in Drenthe en twee in Gelderland. Deze krijgen een gebied tot hun beschikking en wanneer ze daarbuiten komen moet er kunnen worden ingegrepen. Bijvoorbeeld met rubberen kogels of een paintballgeweer.’
Volgens haar is dat de enige manier waarop de wolf weer schuw wordt. ‘Op dit moment zijn ze helemaal niet bang meer voor mensen. Dat is griezelig.’
‘Alles begint bij de mens’
Schaapherder Nynke Leen uit Exloo richt zich vooral op zaken waar ze zelf invloed op heeft. ‘Ik kan wel een mening hebben over het beleid, maar daar kan ik toch niks aan veranderen’, licht ze toe. Zij maakt zich vooral hard voor preventie van het probleem. ‘Het is ten eerste belangrijk dat we niet in deze situaties komen. Dus dat betekent dat wij de wolf bij voorbaat al bang moeten maken. Er zijn mensen die het fantastisch vinden als een wolf een stukje met ze meeloopt. En sommigen voeren zelfs hondenkoekjes. Wanneer een wolf een mens aanvalt, doet hij dat niet uit het niets. Daar is vaak al eerder contact aan vooraf gegaan.’
Aan de effectiviteit van afschieten twijfelt de schaapherder hardop. ‘Op de Utrechtse Heuvelrug werd een wolf afgeschoten nadat hij mensen lastigviel. Iedereen reageerde opgelucht, maar twee weken later meldde zich daar alweer een nieuwe wolf. Daarom moeten we niet wachten totdat het fout gaat, maar ingrijpen wanneer we voelen dat het verkeerd gaat.’ De schaapskudde in Exloo maakt onder andere gebruik van twee kuddebeschermingshonden en ook de manier van hoeden werd aangepast ter bescherming tegen de wolf.
‘Postzegel aan de Noordzee’
Ubbink benadrukt dat Nederland geen geschikt land is voor de wolf, vanwege de dichtbevolktheid van ons land. ‘In Zweden is er plek voor acht roedels en dat land is zestien keer zo groot als Nederland. In onze postzegel aan de Noordzee is simpelweg te weinig ruimte. Met deze maatregelen is het probleem de wereld zeker nog niet uit.’
Staatsbosbeheer en boswachters uit onze regio geven aan geen standpunt in te nemen over de nieuwe maatregelen.












