
TWEEDE EXLOËRMOND – Na 123 dagen cel stond Jan Nieboer uit Tweede Exloërmond weer buiten de gevangenismuren. Hij werd in hoger beroep veroordeeld tot zes maanden gevangenisstraf voor het versturen van dreigbrieven aan ondernemers die betrokken waren bij windparken. Een veroordeling die hij nog altijd wil aanvechten, maar over zijn tijd in de gevangenis is hij allerminst negatief. ‘Als je je ogen dicht deed was het net een vakantieoord.’
Door: Hielke Bosch en Rutger Breider
Het is 22 februari van dit jaar als Jan Nieboer en zijn vrouw Marianne terug naar huis rijden na een vakantie in Valkenburg. Ter hoogte van Zwolle spot Nieboer een politieauto langs de kant van de weg. ‘Ik zei tegen mijn vrouw: houd er rekening mee dat die voor mij is’, vertelt Nieboer een maand na zijn vrijlating op zijn werkkantoor. ‘We waren nog niet langs de politieauto of hij reed al achter me aan. Even later komt er nog een voor me rijden en ik moest stoppen langs de kant van de weg.’
De agenten vroegen Nieboer uit te stappen en hij moest gelijk meekomen om zijn gevangenisstraf uit te zitten. Zelf bleef hij er nuchter onder. ‘We hadden al een weekendtas klaargezet op de achterbank, ik hield er dus al rekening mee dat zoiets kon gebeuren. Voor mijn vrouw was het spannender: zij zat te trillen in de auto.’
Naar Veenhuizen
Nieboer werd gelijk afgevoerd naar het cellencomplex in Zwolle en daarna overgeplaatst naar de gevangenis in Zeist. Vanuit daar had hij regelmatig telefonisch contact met zijn vrouw en zo kon Nieboer op afstand zijn administratiebureau helpen draaiende te houden.
‘Ik heb ook gelijk overplaatsing aangevraagd naar de gevangenis in Veenhuizen, ik wilde dichter bij huis zijn’, legt hij uit. Normaal duurt zo’n overplaatsing weken, maar al na zeven dagen werd Nieboer gevraagd zijn spullen te pakken: hij kon naar het noorden. ‘Dat komt omdat er maar weinig gevangenen zijn die naar Veenhuizen willen. De meesten willen er juist weg om naar gevangenissen in Rotterdam of Den Haag te gaan’, lacht Nieboer.
Niet de directeur, maar een medegevangene
De administrateur uit Tweede Exloërmond is allesbehalve het prototype van een bajesklant met zijn strakgestreken, kortgemouwde overhemd, keurige stropdas en blazer. Ook in de gevangenis hield hij zich aan zijn vaste kleedgewoonte, al moest de stropdas af. Tijdens zijn binnenkomst in de gevangenis van Veenhuizen dachten zijn medegevangenen dan ook niet dat er een veroordeelde werd binnengeleid.

‘De tweede dag kwam er iemand naar me toe die zei: toen u gisteren binnenkwam dachten we dat we een nieuwe directeur kregen die even rondgeleid werd.’ De verbazing was dan ook groot toen Nieboers celdeur dicht ging en hij er niet meer uit kwam. ‘Ze snapten er niks van’, lacht Nieboer. ‘Uiteindelijk moest ik ze uitleggen dat ik ‘een van hun’ was.’
Conciërge op de afdeling
Al snel meldde Nieboer zich voor de arbeid in de gevangenis. Zo werd kunstgrasmatten oprollen en handdoeken wassen zijn dagelijkse werk. Op zijn eigen afdeling krijgt hij een verantwoordelijke functie. ‘Ik werd reiniger. In die functie draag je zorg voor de netheid op de afdeling. Een soort conciërge eigenlijk.’ Ook treedt Nieboer, geholpen door zijn kledingstijl, die maanden op als een soort diplomaat van de afdeling. ‘Op het moment dat er een conflict dreigt, dan stuur je mensen een beetje aan en sus je de boel.’
Dat was soms hard nodig, bijvoorbeeld toen het WK-voetbal aan de gang was. ‘Op zo’n afdeling zitten mensen met allerlei achtergronden en afkomsten. Zo gebeurde het wel eens dat midden in de nacht iemands land een doelpunt maakte en dan was het de traditie om keihard op de celdeur te bonken. Daar zei ik dan even wat van.’
‘Verkapte vakantie’
Het heeft de ‘conciërge’ nooit een draai om de oren opgeleverd. Sterker nog, bij de vraag of Nieboer ooit angst voelde, is het antwoord resoluut: nee. ‘Ik zat tussen zware criminelen: drugsdealers of moordenaars die tot levenslang veroordeeld waren. Maar op een of andere manier hadden ze respect voor mij, en ik voor hen.’
Zijn vier maanden achter de tralies in Veenhuizen omschrijft Nieboer achteraf als een ‘verkapte vakantie’. ‘Er was een grote binnenplaats waar ik kon hardlopen. Ook was er een groot voetbalveld, bomen en zelfs de contouren van het zwembad dat Cor van Hout (een van de Heineken-ontvoerders red.) ooit nog had helpen aanleggen. Als je daar je ogen dichtdeed en je hoorde de wind door de bomen waaien, was het net een vakantiepark.’

Veroordeling
Toch zat Nieboer er niet voor zweetvoeten; hij werd in mei 2024 in hoger beroep veroordeeld tot zes maanden cel met aftrek van voorarrest. De rechtbank achtte bewezen dat Nieboer dreigbrieven heeft verstuurd naar bedrijven die zich bezighielden met de bouw van windmolens in de Veenkoloniën. Iets dat hij zelf nog altijd met klem tegenspreekt.
Na zijn hoger beroep ging Nieboer nog in cassatie. ‘De advocaat-generaal, een hoge OM-functionaris, heeft in een 64-tellend document gezegd dat het hoger beroep opnieuw gedaan moest worden’, aldus Nieboer. ‘Maar dit heeft De Hoge Raad naast zich neergelegd, daarom moest ik alsnog de cel in. Anders was ik vrijgesproken, dat weet ik zeker.’
RTV1 heeft de conclusie van de advocaat-generaal ingezien. Daarin staat inderdaad dat de advocaat-generaal (AG) bij de Hoge Raad adviseert om de veroordeling van Jan Nieboer deels terug te draaien en de zaak opnieuw te laten beoordelen door het gerechtshof. Volgens de AG staat voldoende vast dat de verstuurde brieven als strafbare dreigementen kunnen worden gezien. Wel vindt hij dat het hof onvoldoende heeft uitgelegd waarom Nieboer daarbij als medepleger is veroordeeld. Uit het dossier blijkt volgens de AG wel dat Nieboer op de hoogte was van de acties en daarbij betrokken was, maar niet zonder meer dat hij samen met anderen de dreigcampagne heeft uitgevoerd.









