
STADSKANAAL – Hij was in 2018 slechts vijftien minuten burgemeester van Stadskanaal: Gert Jan Boels (CDA). Daarmee is hij voor zover bekend de kortst zittende burgemeester ooit; een bijzondere vermelding op het cv. Acht jaar later wordt daar een nieuwe bestuursfunctie aan toegevoegd: Boels is nu wethouder namens zijn partij in de nieuwe Knoalster coalitie. Een ambt dat na een roerige periode in zijn leven redelijk onverwacht op zijn pad kwam.
Op 29 maart 2018 werd de toen nieuwe raad van Stadskanaal geïnstalleerd. Alleen was er een probleem: volgens de Gemeentewet moet een burgemeester de installatie doen, maar toenmalig burgemeester Baukje Galama was ziek en kon de nieuwe raadsleden niet beëdigen. Boels kreeg daarom tijdelijk de ambtsketen om welgeteld één raadslid te installeren: Goedhart Borgesius.
Hij kon daarna als langstzittend raadslid het voorzitterschap overnemen en de rest van de raad installeren. Het ‘burgemeesterschap’ van Boels duurde daarmee niet langer dan 15 minuten: van vijf voor half acht tot twintig voor acht. De ‘flitsburgemeester’ werd hij dan ook wel genoemd.

Stage in gevangenis en oostblokflat
Dit bijzondere voorval luidde gelijk de afsluiting van zijn raadslidmaatschap in. Boels zegde in die periode ook zijn baan op om samen met zijn gezin aan een nieuw avontuur te beginnen. ‘Ik ben geboren en getogen in deze regio, maar had behoefte om wat meer van de wereld te zien’, vertelt Boels er nu vanuit zijn nieuwe werkkamer op het gemeentehuis van Stadskanaal over.
Samen met zijn vrouw volgde hij een opleiding in de internationale en interculturele hulpverlening. Zijn kinderen gingen naar een internationale school en het gezin leerde zo veel over verschillende culturen. ‘Het heeft mij gevormd’, vervolgt Boels. ‘Het mogen leren van andere culturen was fascinerend en goed voor mijzelf. Zo heb ik lange tijd stage gelopen in een gevangenis in Duitsland. Het was goed om te zien hoe het daar gaat en je te realiseren: we zijn allemaal maar gewoon mensen en we hebben elkaar nodig.’
Tijdens een andere stage leerde Boels het leven in een betonflat in het voormalige Oost-Duitsland kennen. Een kant van de samenleving die op z’n zachtst gezegd minder welvarend is. ‘Laat ik het zo omschrijven: daar zitten schrijnende situaties tussen. Ik heb een tijdje tussen de mensen daar gezeten en mogen luisteren. Ook daar realiseerde ik me opnieuw dat we maar gewoon mensen zijn. Dat besef had ik blijkbaar nodig.’
Via Amsterdam terug naar Zuidoost-Groningen
Na zijn opleiding wilde Boels weer aan de slag, eventueel zelfs verder weg, maar de coronasituatie gooide roet in het eten. Boels kwam in Amsterdam terecht, waar hij een paar jaar werkte. Daarna brachten persoonlijke omstandigheden hem terug naar zijn geboortegrond: Zuidoost-Groningen. Hij begon als ambtenaar binnen het sociaal domein bij de gemeente Stadskanaal, de plek waar hij raadslid en heel kort burgemeester was geweest. Boels probeerde de ervaringen uit zijn studie mee te nemen. ‘Ook omdat ik vanuit mijn geloof, mijn christelijke achtergrond, heb geleerd dat je ten dienste moet staan van een ander.’
Wethouderschap
Na de verkiezingen in maart nam zijn carrière een volgende onverwachte wending. Zijn partij, het CDA, schoof aan bij de coalitieonderhandelingen en terwijl dat proces bezig was, ging bij Gert Jan Boels de telefoon. ‘De CDA-fractievoorzitter (Agnes Wubs, red.) belde mij. De oorspronkelijke wethouderskandidaat, Eddy Niemeijer, had zich teruggetrokken en als nieuwe kandidaat dachten ze aan mij.’ Hoewel het telefoontje als een verrassing kwam, hoefde Boels niet lang na te denken. ‘Ik realiseerde me al vrij snel: dit moet ik gaan doen.’

Met portefeuilles als het sociaal domein en jeugdzorg komt zijn ervaring in het buitenland nu van pas. Al besefte de kersverse wethouder dat na het telefoontje niet meteen. ‘Later dacht ik pas: misschien had “dit jongetje” al die ervaring wel nodig om te doen wat ik nu doe. Want mensen die allerlei dingen meemaken, die allerlei dingen ervaren in hun leven, daar moeten wij als overheid voor zijn.’
Grote uitdagingen in Stadskanaal
Toch zal dat niet makkelijk worden. De gemeente Stadskanaal staat op het moment voor grote uitdagingen. Alleen al binnen de portefeuilles van Boels spelen kwesties als de problemen rond de jeugdzorg, het kindermishandelingsdrama, onderwijshuisvesting en de druk op het sociaal domein door de krappe financiële positie. En dan is er nog het lage vertrouwen in de lokale politiek, dat ook in Stadskanaal de afgelopen jaren niet bepaald is toegenomen. Genoeg werk aan de winkel dus voor Boels en zijn collega’s.
‘Als we terugkijken naar de afgelopen jaren, is er best wel wat bestuurlijke onrust geweest’, concludeert Boels. ‘Dan ging het over het gemeentehuis en alles wat hier gebeurde. Het zou fijn zijn als we over vier jaar zeggen: goh, daar hebben we het nu eigenlijk niet over gehad.’
De komende tijd werken de Knoalster wethouders aan een zogenoemd ‘uitvoeringsprogramma’: een concreet plan waarin staat hoe het collegeakkoord uitgevoerd moet worden. Dat is nog niet klaar, maar Boels heeft al wel een duidelijke ambitie voor zichzelf gesteld. ‘Al dit praten is één ding, maar laten we de komende jaren vooral gaan luisteren en resultaten laten zien.’









